Western Rijden

Het western rijden vindt zijn oorsprong in Amerika. Paardenrassen die uitermate geschikt zijn voor het western rijden zijn de American Quarter Horse, de American Paint Horse en de American Appaloosa.
Western ruitersport bestaat uit verschillende onderdelen:

– Dressuur: Trail, Reining, Western Pleasure, Horsemanship, Showmanship en Hunter under saddle
– Keuring: Halter (hierbij draait het vooral om beoordeling van het exterieur)
– Snelheidspelen: Barrel racing, Pole Bending
– Werkend element: Cutting, Working Cowhorse, Team Penning

[nggallery id=9]

Het team van The Mill Ranch heeft vooral expertise op het gebied van de Western Pleasure, Hunter under Saddle en Halter.

Western Pleasure In de Western Pleasure worden de gangen van het paard getoond. Tijdens een wedstrijd komen de deelnemers gezamenlijk in de arena en moeten aan de wand blijven of op de binnenhoefslag. Door de jury worden de overgangen “stap” (walk), “draf” (jog of trot) en “galop” (lope) beoordeeld en de houding van de ruiter en het paard. De drie verschillende gangen worden getoond op zowel de linker- als de rechterhand. De jury kan ook een uitgestrekte gang vragen. Bij het commando “reverse” maken de deelnemers een draai van 180 graden van of op de hoefslag. Ook tijdens de stap of de draf kan dit commando gegeven worden. Als de jury twijfelt tussen de hoogst geplaatsten kan deze ook de gang “achterwaarts” vragen van de betreffende deelnemers. Combinaties worden bij Western Pleasure gestraft voor een te hoge snelheid, verkeerde gang op het gevraagde moment, verzet van het paard, te diepe of te hoge halshouding van het paard of “break of gait” (uit de betreffende gang vallen). Het paard moet aan een losse teugel gereden worden,  de neus van het paard is recht naar beneden en er zijn geen overmatige of storende correcties van de ruiter. Bij western pleasure draait het om rijden met plezier en de deelnemers dienen dit ook uit te stralen.

Hunter under Saddle Deze klasse is een Engels onderdeel binnen de Westernsport. Zowel de kleding van de ruiter als het harnachement van het paard komen uit de Engelse rijstijl. Net als bij de Western Pleasure, worden tijdens een wedstrijd aan beide kanten de drie gangen getoond en wordt de combinatie daarop beoordeeld. De gangen bij de Hunter under Saddle heten “walk” (stap), “trot” (draf), “extended trot” (uitgestrekte draf) en “canter” (galop). Bij “trot” wordt op het buitenbeen licht gereden, in tegenstelling tot de Western Pleasure “jog”, waarbij de ruiter blijft doorzitten. De halshouding van het paard is bijna hetzelfde als bij de Western Pleasure, alleen mag het paard bij Hunter under Saddle de neus “er iets uit laten lopen”. In de klasse Hunter under Saddle dient het paard voorwaarts gereden te worden, waarbij gehoorzaamheid, werkwilligheid en een vriendelijke uitdrukking van het paard beoordeeld worden.

Halter In de halterklasse wordt het paard beoordeeld op exterieur, naar de richtlijnen van het ras (deze zijn voor ieder ras vastgelegd in het stamboek). Dit omvat 90% van de uiteindelijke beoordeling. De andere 10% hangt af van hoe de persoon het paard showt. De paarden worden één voor één aan de hand binnen gebracht in stap en moeten in een rechte lijn naar de jury lopen. Als men bij de jury aankomt wordt gevraagd te draven in dezelfde rechte lijn, waarna je naar links wendt, doordraaft, vervolgens in stap gaat, weer een wending naar links maakt en je achter elkaar opstelt. Het paard wordt ‘vierkant’ opgesteld, wat betekent dat de voorbenen en achterbenen van het paard netjes naast elkaar staan en samen een vierkant vormen. Daarnaast heeft het paard een mooi leren showhalster aan bewerkt met zilver of goud. Vervolgens komt de jury en loopt om de paarden heen om ze goed te kunnen beoordelen. Hij/zij let op een correcte bouw en bekijkt of het paard aan de eisen van het ras voldoet. Bij halter is het belangrijk dat je je paard op een goede manier showt.  De jury zal het paard dan optimaal kunnen beoordelen.